Prothesemaker
Wie geamputeerd is, heeft een prothese nodig. De prothesemaker
maakt hem op maat.
In de spreekkamer staat een los been in een spijkerbroek. De voet draagt een
witte schoen. Op de stoel ernaast zit een vrouw, omringd door haar drie
kinderen. Twaalf jaar terug is haar rechterbeen geamputeerd. De artsen hebben
haar onderbeen, dat nog goed functioneerde, 180 graden gedraaid en weer aan haar
bovenbeen vastgezet. Haar voet, die zich nu op kniehoogte bevindt, wijst naar
achteren en doet dienst als knie. Omdat haar oude prothese niet meer goed zit,
gaat orthopedisch instrumentmaker Frank Jol een nieuwe voor haar maken.
Een prothese moet goed bij de wensen van de klant aansluiten. ‘Veel jongeren
willen bijvoorbeeld sporten met een prothese’, vertelt Jol, die ook voor
gehandicapte topsporters werkt. Dat vraagt maatwerk, want met een ‘gewoon’
kunstbeen kun je nog niet surfen. ‘Voor elke sport is een andere prothese
nodig. Ik kreeg onlangs een vraag van een speerwerper, wiens rechterbeen
geamputeerd is. Dan moet ik eerst de techniek van het speerwerpen en zijn
persoonlijke bewegingen bestuderen.’
Stomp krijgt gipsen afdruk
Grofweg is een prothese opgebouwd uit een deel dat contact maakt met het lichaam
en de rest van de constructie. ‘De stomp kan op verschillende manieren
verbonden zijn met de prothese’, zegt Jol. Eerst gaat een zogeheten liner, een
soort grote condoom om de stomp. ‘Aan de liner zit soms een pin, die in de
prothese klikt. Andere liners zuigen zich vacuüm aan de prothese.’
Een prothese passend maken is het belangrijkste, maar lastigste onderdeel. Om te
beginnen moeten Jol en zijn collega’s een gipsafdruk van de stomp van de klant
maken. Daartoe rollen ze gipswindsels om het lichaamsdeel, waarna een soort
gipsen vaas ontstaat. Door later vloeibaar gips in deze ‘mal’ te gieten
krijgen ze een replica van de stomp.
Pomp zuigt proefkoker vast
Met de gipsen stomp wordt een zogeheten diagnostische stompkoker gemaakt. Dat is
een eerste model van de prothese, waarvan Jol wil weten of die op de stomp past.
In een oven verhit hij een plaat thermoplastisch materiaal. Het is een kunststof
die bij bijna 200 graden Celsius helemaal flexibel wordt. Als dit kunststof warm
genoeg is, vouwt Jol het over het gipsen model van de stomp. Daardoor ontstaat
een soort plastic zak rondom de stomp. Vervolgens zuigt een pomp de zak vacuüm,
zodat die zich precies naar de vormen van de stomp vormt. De proefkoker is klaar
en kan nu op de echte stomp worden gepast. ‘Klopt alles, dan vervaardigen we
met een andere techniek en met een steviger materiaal de definitieve stompkoker
voor de prothese. Is de vorm nog niet goed, dan zal het model eerst nog wat
verder worden aangepast.’